Doe in een grote kom de droge ingrediënten: de tarwegluten, edelgist, kikkererwtenmeel en het zout. Meng dit alvast goed door elkaar.
Meng vervolgens in een maatbeker of andere kom het water, de miso, de melasse en de olijfolie door elkaar. Dit zijn je natte ingrediënten.
Voeg bij de droge ingrediënten de kipkruiden, het uienpoeder en de nootmuskaat. Let op bij de kipkruiden, ik koop altijd kipkruiden waar geen of bijna geen zout in zit, maar puur alleen gedroogde kruiden. Als je wel kipkruiden hebt met zout, hoef je minder of geen zout toe te voegen aan het droge mengsel.
Meng de kruiden alvast goed door het droge mengsel heen, zodat het mooi verdeelt is. Voeg dan de natte ingrediënten toe en meng het geheel met je handen door elkaar.
Wanneer de seitan in de kom mooi samengekomen is kieper je het deeg om op een schoon werkblad. Hier kneed je de seitan nog eens goed door gedurende minstens 10 minuten. Het is heel belangrijk dat je de seitan goed kneedt. Hoe beter je het deeg kneedt, hoe zachter en vleziger de structuur van de seitan zo wordt.
Als je de seitan genoeg hebt gekneed, verdeel deze dan in vier gelijke stukken.
Zet ondertussen alvast een flinke pan met water op middelhoog vuur. Breng het water tot bijna aan het kookpunt. De pan moet groot genoeg zijn, zodat er straks vier vegan frikandellen in passen.